GOOD PRACTICE

DOOR! Masterplan Muziekonderwijs Limburg

‘Muziekonderwijs kweekt nieuwsgierige en creatieve mensen’

Convenant Muziekonderwijs getekend voor de hele provincie | gefinancierd door provincie Limburg, Impuls muziekonderwijs, gemeenten, schoolbudgetten | Gericht op primair én voortgezet onderwijs | Goede koppeling met culturele omgeving | Breed spectrum aan organisaties betrokken: scholen, pabo’s, kunstencentra, zzp’ers, muziekverenigingen, koren, poppodia, provincie, gemeenten en verscheidene landelijke instanties.

Leestijd: 10 min.

'DOOR!' is een provinciale campagne die het muziekonderwijs in Limburg in beweging zet. DOOR! maakt de verbinding vanaf de bron: pabo's, conservatoria, het primair en voortgezet onderwijs, alle gaan samen op weg naar structureel muziekonderwijs in de klas. Samen met de culturele omgeving realiseert DOOR! kansen voor leerkracht en leerling om optimaal hun talenten te ontwikkelen.

Wat zijn na de eerste jaren de ervaringen met dit ‘Limburgse model’ en wat kunnen andere provincies ervan leren? Een gesprek met van Hanneke Suilen (projectleider DOOR! Masterplan Muziekonderwijs Limburg) en Ger Koopmans (Gedeputeerde Cultuur provincie Limburg).

Terug naar 2016: wat was jullie drijfveer om te werken aan structureel muziekonderwijs op school?

Hanneke: ‘Waar het altijd om gaat, toen en nu nog steeds, is de ontwikkeling van kinderen. Dat is ons uitgangspunt: hoe kan muziek ze helpen bij hun ontwikkeling? Muziek verbindt, overschrijdt grenzen, geeft zelfvertrouwen. En muziek past bij het onderwijs van nu. Wij weten niet hoe de wereld er over tien jaar uitziet en welke beroepen kinderen zullen bekleden. Dus moeten we ze opleiden tot nieuwsgierige en creatieve mensen, die zelfredzaam zijn en goed kunnen samenwerken en luisteren naar anderen. Allemaal elementen die je via kunstvakken en muziek kunt leren. Daarbij speelt natuurlijk ook onze persoonlijke drive mee. Als musicus in hart en nieren gun ik alle kinderen de beleving van muziek.’


Ger: ‘Als ambassadeur van Méér Muziek in de Klas was ik op hun symposium waar professor Erik Scherder, hoogleraar klinische neuropsychologie, een lezing hield over onderzoek naar het effect van muziek op het brein. Dat deed me beseffen hoe fundamenteel muziek is voor je ontwikkeling. Het zorgt aantoonbaar voor nieuwe verbindingen in de hersenen, het vergroot je empathisch vermogen. Dat was voor mij echt een eyeopener.’


De organisatie van DOOR! is in de loop der tijd gewijzigd. Waarom?

Hanneke: ‘Oorspronkelijk was DOOR! opgezet als project vanuit de provincie, dat zou eindigen als de Impuls muziekonderwijs van het Fonds voor Cultuurparticipatie ophield. Gelukkig bleek afgelopen jaar dat er binnen de provincie veel behoefte was om wat we hadden opgebouwd verder te ontwikkelen. Daarbij was het logisch om DOOR! Masterplan Muziekonderwijs niet meer op projectbasis te organiseren, maar een vaste plek te geven bij het Huis voor de Kunsten Limburg. Tenslotte is dat de organisatie die zich onder andere richt op alle cultuur in de provincie, zowel voor amateurs als de professionele sector. In die nieuwe structuur heeft cultuureducatie een vaste basis gekregen. Ik ben aangesteld als projectleider en daarnaast hebben we een team van zo’n vier, vijf medewerkers. Doordat we werken vanuit het Huis van de Kunsten, kunnen we dat flexibel samenstellen. Bijvoorbeeld een specialist in fondsenwerving, of cultuurparticipatie, of onderwijs: al die expertises hebben we in huis.’


‘Wat niet veranderd is, is de brede samenwerking: DOOR! is een netwerk van het Huis voor de Kunsten Limburg, scholen, pabo’s, kunstencentra, muziekverenigingen, maar ook van de koorwereld, Philharmonie Zuidnederland, poppodia, de provincie en gemeenten, het programma Cultuureducatie met Kwaliteit, en landelijke instanties zoals het LKCA en Méér Muziek in de Klas. En we trekken het nog breder: we zoeken ook de samenwerking met bedrijven. We werken samen met Adams Muziekcentrale om partners in het bedrijfsleven te zoeken die een financiële bijdrage kunnen leveren.’


‘Wat essentieel is in de samenwerking, is dat alle partijen eigenaar zijn van het proces. Zorg ervoor dat het initiatief niet door één partij getrokken wordt, maar richt het zo in dat iedereen een stukje bijdraagt, en iedereen verantwoordelijkheid naar elkaar heeft. Daarmee maak je iedereen eigenaar en heb je de meeste kans van slagen.’


De provincie heeft vanaf het begin de plannen omarmd. Waarom?

Ger: ‘Als provincie wilden wij volop meedoen aan de Impuls muziekonderwijs. Een van de redenen is dat de muziekwereld in de regio traditioneel gezien heel belangrijk is; een kleine 100.000 mensen zijn actief in harmonieën, verenigingen en de popwereld. Maar tegelijkertijd hadden het muziekonderwijs, de muziekscholen en de kunstencentra het heel moeilijk. Door bezuinigingen, maar ook doordat het aanbod niet meer helemaal aansloot bij de vraag. En of er muziekonderwijs op school was, hing vaak af van de vraag of de leerkracht er toevallig lol in had. Daarom hebben we enthousiast ingespeeld op de landelijke subsidieregeling. Het DOOR! Masterplan Muziekonderwijs Limburg is het kader daarvoor, bedacht door Joery Wilbers (nu directeur van ECI Cultuurfabriek), samen met het Huis voor de Kunsten, de provincie, en Hanneke Suilen. Als provincie hebben we dat plan van harte omarmd, hebben we extra middelen vrijgemaakt en er mensen op gezet om het plan provinciebreed te kunnen uitvoeren.’


Afgelopen jaar is het DOOR!-convenant ondertekend. Welke functie heeft dat?

Hanneke: ‘Voor ons is het convenant de kers op de taart. Het bekrachtigt de plannen van de provincie om ervoor te zorgen alle basisschoolkinderen in Limburg in 2020 structureel muziekonderwijs krijgen. In feite legt het dus formeel vast wat we al sinds 2016 aan het doen zijn: samenwerken met een groot aantal partijen die samen eigenaar zijn van het proces. Naast het convenant zelf was ook het feestelijke moment belangrijk: de ondertekening op de SamenDOOR!-dag, waarbij Koningin Máxima als erevoorzitter van Méér Muziek in de Klas aanwezig was. Dat zij en andere ambassadeurs vanuit Méér Muziek in de Klas het belang van muziekonderwijs onderschrijven, geeft mensen een laatste zetje om ook mee te doen. Al met al heeft het convenant het initiatief echt een boost gegeven; het is een moment waar mensen nog steeds met warme gevoelens op terugkijken.’

Deze good practice vertalen naar jouw regio? We denken graag eens met je mee.

Bel ons vrijblijvend: 020 – 8204 730

De Impulsregeling is beëindigd. Uit welke geldstromen komt nu het budget voor muziekeducatie?

Hanneke: ‘Oorspronkelijk liep de provincie vooruit op de Impulsregeling. Toen die regeling op zich liet wachten, trokken Limburgse scholen aan de bel bij de provincie. Zo ontstond het idee voor DOOR! Masterplan Muziekonderwijs Limburg. De eerste subsidie was een ‘Vroege Vogel’-regeling: basisscholen die samenwerkten met een muziekvereniging of kunstencentrum konden van de provincie een budget krijgen om muziekonderwijs te gaan vormgeven. Na een ‘experimenteerjaar’ moesten ze subsidie uit de Impulsregeling aanvragen. Daarnaast was er een meer vrijblijvende voucherregeling: scholen die met een partner een plan indienden voor muziek in de klas, kregen budget om alvast een begin te maken. Dat was bedoeld om samenwerkingen op gang te krijgen. In beide gevallen was het doel: doorstromen naar de Impulsregeling.’


‘Nu de Impulsregeling is beëindigd, is vanuit de provincie de nieuwe SamenDOOR!-subsidieregeling opgesteld, samen met de muziekbonden. Scholen moeten aan verschillende voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen. Ze moeten een plan indienen om structureel muziekonderwijs aan te bieden in samenwerking met hun muzikale omgeving: een muziekvereniging die aangesloten is bij een van de bonden in Limburg. Dat plan moet bovendien passen binnen de doorlopende leerlijn muziekonderwijs die de school al heeft. De scholen moeten daarbij ook de gemeente betrekken: als die het plan omarmt en geld beschikbaar stelt, dan verdubbelt de provincie het aangevraagde bedrag. Maar als de gemeente niet meedoet, dan kunnen scholen de inleg vanuit de provincie niet verdubbelen. Dat is voor veel scholen een trigger om het gesprek aan te blijven gaan met gemeenten. En die zijn in veel gevallen welwillend; van alle aanvragen die we ontvangen, doet in zo’n 80 procent van de gevallen de gemeente mee.’


‘De voucherregeling is vervallen. Die was goed voor korte projecten: school en muziekvereniging organiseerden bijvoorbeeld zes lessen met een slotconcert, en dat was het. In de nieuwe regeling stellen we meer vragen bij de subsidieaanvraag, zodat ze met elkaar in gesprek moeten gaan: wat is ons plan, waarom willen we dit, wat is ons gezamenlijke doel?’


‘In de SamenDOOR!-regeling combineren we elementen van de Impulsregeling en de voucherregeling. Daarnaast zijn er aanvullende stimuleringsregelingen om de samenwerking met de culturele omgeving te vergemakkelijken: voor samenwerking met een muziekvereniging, en voor samenwerking met een poppodium.’


Hoe verloopt de samenwerking met muziekverenigingen en poppodia?

Hanneke: ‘De samenwerking met muziekverenigingen komt goed van de grond, maar die tussen poppodia en scholen heeft meer voeten in de aarde. Poppodia hebben minder middelen, werken meer met vrijwilligers en hun publiek zit natuurlijk minder in het primair onderwijs. Maar er zijn wel al zo’n twintig samenwerkingsprojecten binnen één jaar tot stand gekomen, en die eerste ervaring maakt het makkelijker om uit te breiden naar samenwerking met meer poppodia.’


Hoeveel scholen nemen nu deel aan de regeling?

Hanneke: ‘In 2016 begonnen we met 20 scholen, nu zijn dat er 270. Maar we hebben in de provincie 360 basisscholen, dus we zijn er nog niet. Ook willen we graag dat er meer scholen voor voortgezet onderwijs gebruikmaken van de regeling. Dat is wel lastig: ze hebben al een eigen vakleerkracht muziek en ze hebben al muziek in een deel van het curriculum. Scholen die wel gebruik van de regeling maken, breiden hun curriculum uit: als leerlingen geen muziek meer in hun pakket hebben, kunnen de scholen via de SamenDOOR!-regeling toch iets met muziekonderwijs doen.’


‘Ook de verbinding tussen primair en voortgezet onderwijs zouden we nog wel willen versterken. Er zijn wel projecten geweest waarbij een basisschool en een school voor voortgezet onderwijs samen subsidie aanvroegen, maar dat liep lang niet altijd vlekkeloos. De wil om samen te werken is er zeker, maar meestal zijn er problemen van organisatorische aard. Dan is het bijvoorbeeld moeilijk om gezamenlijk tijd in te roosteren voor muziekonderwijs. Het blijft een zoektocht om de aansluiting te vinden, maar de ervaringen die we daarmee hebben opgedaan zijn voor alle partijen wel heel leerzaam geweest.’

Zes tips voor meer structureel muziekonderwijs

Hoe belangrijk is de rol van de pabo’s?

Ger: ‘Ik vind het heel belangrijk dat we samen met de pabo’s optrekken. Op die manier wordt een nieuwe generatie opgeleid die goed toegerust is om muziekonderwijs te geven.’

Hanneke: ‘Wij stimuleren dat pabo’s gebruikmaken van de subsidieregeling Professionalisering muziekonderwijs [van het Fonds voor Cultuurparticipatie, red.]. Dat geeft ze meer ruimte om muziek structureel in het curriculum op te nemen. Een van beide pabo’s had dat nog niet gedaan; wij zijn samen met de provincie in overleg gegaan met de pabo, hebben gekeken naar bottlenecks, en uiteindelijk heeft ook die pabo een aanvraag kunnen indienen.’


‘Op dezelfde manier stimuleren we dat scholen samenwerken met pabo’s, bijvoorbeeld om studenten een oefenomgeving voor muziekonderwijs te bieden. Uiteindelijk is dat iets wat pabo en school zelf moeten regelen, maar we kunnen het wel onder de aandacht brengen. Vaak is dat al genoeg om ze ervan bewust te maken dat ze pabostudenten ook moeten meenemen in hun ontwikkeling in de creatieve vakken.’


Hoe houd je de aandacht voor muziekonderwijs levend, ook ná de Impulsregeling?

Hanneke: ‘Je moet voortdurend de contacten met het netwerk blijven onderhouden. Als dat verslapt, merk je dat de belangstelling al snel minder wordt. Voor scholen is het niet makkelijk om door te zetten na de Impulsregeling. Dan zit er minder druk achter, en in de waan van de dag belandt muziekonderwijs al snel op een zijspoor. Dus ondernemen we van alles om het levend te houden. We houden de contacten warm, checken de voortgang, maken een afspraak om bij te praten, houden intervisiemomenten, en we organiseren jaarlijks een DOOR!-dag die we voorbereiden met scholen en partners. Ook bij het Platform Cultuureducatie met Kwaliteit Limburg staat het muziekonderwijs vast op de agenda, en ook dat is een manier om ervaringen in kaart te brengen en nieuwe ideeën uit te wisselen.’


Hoe geven deelnemende scholen hun muziekonderwijs concreet vorm?

Hanneke: ‘We werken vraaggestuurd; de behoefte van de school is leidend. Leerlijnen, lesmethodes en vakdidactiek zijn schoolinhoudelijke zaken. De school bepaalt zelf de route, samen met de vakspecialist die wij vanuit DOOR! aan de school koppelen. DOOR! biedt een kader waar scholen zelf invulling aan kunnen geven, samen met de lokale culturele omgeving.'

Om scholen daarbij te helpen organiseren we inspiratiebijeenkomsten met leerkrachten en muziekdocenten. We zien trouwens wel dat veel scholen voor eenzelfde model kiezen: scholingsmomenten voor leerkrachten gekoppeld aan co-teaching.’


‘Muziek verbindt, overschrijdt grenzen, geeft kinderen zelfvertrouwen.’

Jullie hebben plannen om scholen te voorzien van muziekinstrumenten. Leg eens uit?

Hanneke: ‘Ons eerste idee was het initiatief ‘Geef je instrument DOOR!’: mensen konden oude instrumenten inleveren, die op school konden worden hergebruikt. Maar we constateerden dat aan de instrumenten die we kregen, te veel gedaan moest worden om ze speelklaar te krijgen. We hebben dus nieuwe instrumenten nodig. Samen met onze partner Adams Muziekcentrale hebben we pakketten samengesteld met nieuwe instrumenten die precies aansluiten bij de muziekmethoden die scholen gebruiken. Dit jaar introduceren we in mei, op onze jaarlijkse SamenDOOR!-dag een nieuw concept: een crowdfundingsactie. Het doel is dat mensen geld doneren om een pakket te betalen, en het ingelegde geld verdubbelt Adams Muziekcentrale tot een maximum van € 50.000,-.’


Wat zijn jullie wensen voor de toekomst van muziekonderwijs in Limburg?

Hanneke: ‘Het doel is dat alle scholen die muziekonderwijs willen, dit weer een prominente plaats geven in hun curriculum. Daarbij willen we ook graag de verbinding tussen muziekonderwijs in primair en voortgezet onderwijs versterken; tot nu toe komt die nog niet makkelijk van de grond. Al met al willen we dat kinderen de kans blijven krijgen hun talent te ontwikkelen en dat ze via muziekonderwijs ook hun weg vinden naar het buitenschoolse aanbod, zoals muziekverenigingen, koren, popbands enzovoort.’

Kun je DOOR! uitbreiden naar andere kunstdisciplines?

Hanneke: ‘De aanpak die we hebben ontwikkeld vanuit DOOR! is eigenlijk een blauwdruk die je op alle disciplines kunt leggen. We werken bijvoorbeeld aan een samenwerkingsverband voor theater en drama, Theadoor, samen met Toneelhuis LFA. We zitten nog in de voorbereidende fase: op welke manier kun je toneelverenigingen, musicalverenigingen en dramagroepen verbinden met een school? Daarbij hebben we wel veel aan de ervaringen die we met DOOR! hebben opgedaan. Al zijn er ook grote verschillen: muziek staat vanouds op het rooster, theater of drama lang niet altijd. Dus we moeten goed nadenken over de vorm waarin we Theadoor neerzetten, opdat ook dat bijdraagt aan de ontwikkeling van kinderen, en dus niet een kort projectje wordt. Wat heeft het kind nodig, en wat kan de toneelvereniging daarin betekenen? Een ander plan is werken met streektaal op school, bijvoorbeeld in verhalen en gedichten, als onderdeel van het cultureel erfgoed.’


Is het Limburgse model kopieerbaar naar andere provincies?

Hanneke: ‘Natuurlijk. Wij zijn uitgegaan van wat er allemaal al beschikbaar is in de regio en hebben gekeken hoe je op basis daarvan samen zou kunnen werken om muziekonderwijs te ontwikkelen. Ook in andere provincies kun je uitgaan van de bestaande vakopleidingen (conservatorium, pabo's en muziekverenigingen). Het gaat erom dat je elkaar vindt en een gezamenlijk doel hebt. Belangrijk is ook dat je goeie ambassadeurs hebt. Stakeholders op de juiste plekken die mee willen doen en elkaars taal spreken.'


Ger: ‘Het is belangrijk om te werken vanuit een team, een platform waarin iedereen die betrokken is bij elkaar komt en samen aan de slag gaat. Zorg dat alle betrokkenen samen optrekken en in teamverband coördineren, organiseren en enthousiasmeren. Alleen samen krijg je dingen voor elkaar.’



Deel artikel:

Dit artikel kwam in samenwerking met het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst tot stand

Lees ook:

Bekijk ook de andere Good Practices

Gemeente Zwolle: ‘Slimme financiering stimuleert goed muziekonderwijs’

Méér Muziek in de Klas

Sarphatikade 22-1

1017 WV AMSTERDAM

info@meermuziekindeklas.nl

020 - 82 04 730

Op de hoogte blijven? Schrijf je in voor de nieuwsbrief!